Schadeoorzaken

Een inboedelverzekering is bedoeld om bescherming te bieden tegen verschillende soorten schade. Op deze pagina treft u een overzicht aan van de verschillende schadeoorzaken bij inboedelschade. Hierbij geven we per schadeoorzaak tevens een overzicht van de meest noemenswaardige zaken waar u rekening mee dient te houden.

Soorten Schade

Brandschade

Brandschade kan opgedeeld worden in verschillende soorten brandschade. Onder brandschade valt schade door:

  • Directe brandschade (dus ook rookschade)
  • Indirecte brandschade (bijvoorbeeld door een brand bij de buren)
  • Gevolgschade van brand (bijvoorbeeld waterschade bij het blussen van brand)
  • Blikseminslag (dit kan leiden tot brand)
  • Ontploffing

Directe brandschade

Een inboedelverzekering dekt altijd schade aan de inboedel die is ontstaan als gevolg van brand. Directe schade aan de spullen is hierbij gedekt. Ook gevolgschades zijn gedekt. Hierbij kan gedacht worden aan rook- en roetschade, maar ook schade door bluswater valt onder gevolgschade. Het is immers schade die direct aan de brand verbonden is.

Verzekeraars hanteren wel enkele voorwaarden aan de term ‘brand’. Zo moet er over het algemeen sprake zijn van ‘uitslaande vlammen’ en/of ‘oncontroleerbaar vuur’. Als er binnenshuis een kaars omvalt die een brandvlek op een tafel achterlaat, is er dus geen sprake van brandschade. In dit geval valt de schade onder ‘schroei- en smeltschade’. Deze schadesoort is doorgaans alleen gedekt bij een extra uitgebreide inboedelverzekering of een all-risk verzekering.

Indirecte brandschade

Als er sprake is van schade door brand bij de buren, dient een verzekeringsnemer dit bij de eigen verzekeraar te melden. De verzekeraar keert de schade aan de verzekeringsnemer uit. Vervolgens zal de verzekeraar met de verzekeraar van de buren in conclaaf moeten om de schade te verhalen.

Gevolgschade brand

Inboedelverzekeringen hebben over het algemeen een dekking voor extra kosten die gemaakt kunnen worden als gevolg van brandschade. Hierbij valt te denken aan opruimings- of bergingskosten en kosten om in een hotel, appartement of pension te verblijven. Deze dekkingen zijn meestal wel beperkt met een maximumbedrag of maximumpercentage.

Blikseminslag

Blikseminslag kan schade aanrichten aan de inboedel. Ook kan blikseminslag snel leiden tot brand waarbij de inboedel schade kan oplopen. Binnen de inboedelverzekering is deze schadeoorzaak doorgaans gedekt.

Ontploffing

Gassen en/of dampen kunnen onverwachts een hevige krachtuiting vertonen, waardoor een explosie kan ontstaan. Dit kan gepaard gaan met brand, maar het is ook mogelijk dat er een ontploffing plaatsvindt zonder brand. In dit geval kan ook schade ontstaan. Schade door ontploffing is doorgaans -onder zekere voorwaarden- gedekt met een inboedelverzekering.

Waterschade

In een woning kan inboedel schade oplopen door water. Hierbij kunnen verschillende soorten waterschade onderscheiden worden:

  • Neerslag zoals regen, hagel, sneeuw of smeltwater
  • Indirecte neerslag zoals het overlopen van vijvers, sloten, grachten of kades.
  • Leidingwater door een gesprongen waterleiding, centrale verwarming of aangesloten waterinstallaties. Ook kapotgevroren waterleidingen en cv-buizen vallen onder dit soort waterschade.

Waterschade wordt normaliter vergoed vanuit de basisverzekering voor de inboedel. De schadeoorzaak moet wel een onvoorziene omstandigheid zijn. Met andere woorden: er kon niets aan gedaan worden. Indien waterschade is veroorzaakt door achterstallig onderhoud, wordt de schade niet vergoed. Ook wanneer u de schade zelf had kunnen voorkomen (door bijvoorbeeld een raam dicht te doen), wordt waterschade niet vergoed.

Een schade-expert (inspecteur) zal de schade ter plekke bekijken en bepalen of de verzekeraar wel of niet overgaat tot vergoeding. De schadeoorzaak moet controleerbaar zijn. Het is dus raadzaam om schade pas te herstellen nadat een schade-expert is langs geweest. Uiteraard kunt u wel maatregelen nemen om verdere (grotere) schade te beperken.

Uitsluitingen van vergoeding bij waterschade

Op bepaalde plekken in Nederland wonen mensen vlakbij een dijk. In het geval van waterschade door een dijkdoorbraak is men hier niet voor gedekt met de inboedelverzekering. Een dijkdoorbraak en de bijbehorende overstroming worden namelijk gezien als een ‘(natuur)ramp’. In dit geval kan men wel een beroep doen op de Wet Tegemoetkoming Schade bij rampen en zware ongevallen (WTS).

Stormschade

Bij schade door een storm kan gedacht worden aan verschillende situaties. Enkele voorbeelden zijn:

  • Een boom of (zware) tak die tijdens een een storm omwaait en op een huis, schuur of schutting valt.
  • Waterschade door een lekkage die door een storm is ontstaan.

Directe stormschade

Stormschade valt standaard onder de inboedelverzekering. Er is doorgaans sprake van storm wanneer het KNMI een windkracht van 7 of hoger heeft gemeten. Het KNMI heeft hiervoor weerstations op verschillende plaatsen in het land gestationeerd. Ook zijn er andere weerstations die de windsnelheid meten. Deze weerstations worden door de verzekeraars geraadpleegd om te controleren of er sprake is van stormschade. Het kan echter gebeuren dat een plaatselijke storm niet kan worden gemeten. Stormschade van andere inwoners binnen de directe omgeving (doorgaans 10 kilometer) kan in dit geval als bewijs ingezet worden.

Men moet zelf wel stappen ondernemen om vormen van stormschade te voorkomen (bijvoorbeeld door alle ramen in de woning te sluiten).

Schade aan tuinmeubels wordt onder bepaalde voorwaarden vergoed. Onder de stormdekking vallen dus spullen die binnen (in huis) of in een schuur staan. Beschadigde planten of schade aan een vijver (in de tuin) worden echter ook vergoedt. Dit geldt ook voor een schutting. Schuttingen die op een erfscheiding staan worden echter bijna altijd voor 50% vergoed. De pagina met tuinschade en de inboedelverzekering biedt meer inzicht.

Indirecte stormschade

Naast directe stormschade kan het ook gebeuren dat een verzekeringsnemer te maken krijgt met indirecte stormschade. Denk bijvoorbeeld aan een dakpan van de buurman die door ongelukkig toeval op de glazen tafel in de tuin valt en daar een flinke barst in achterlaat. Deze schade is bij de meeste verzekeraars gedekt.

Eigen risico bij stormschade

Een aantal verzekeraars houdt een eigen risico aan bij stormschade. In dit eigen risico is er geen sprake van een vast bedrag, maar een percentage van het verzekerde bedrag met een minimum en maximum bedrag. De meeste verzekeraars hanteren een eigen risico dat gebaseerd is op 0,2% van de herbouwwaarde van een huis. Het eigen risico komt doorgaans ergens tussen €200 en €500 te liggen. Vaak geldt dit eigen risico niet voor glasschade door storm.

Raadzaam bij stormschade

  • Noteer (indien mogelijk) het tijdstip waarop de stormschade plaatsvindt.
  • Maak foto’s en/of video’s of ander bewijs voordat de beschadigde inboedel wordt opgeruimd of geborgen.
  • Neem contact op met de verzekeraar om te overleggen wat er gedaan moet worden.

Inbraak en diefstal

Als er sprake is van inboedelschade door inbraak, diefstal of beroving, is de nieuwwaarde van de inboedel in de meeste gevallen gedekt. Sommige spullen dalen snel in waarde. Hierbij kan gedacht worden aan (bijvoorbeeld) elektronica. Als de waarde van deze spullen minder dan 40% bedraagt van de oorspronkelijk nieuwwaarde, wordt de dagwaarde van deze spullen vergoed door de verzekeraar.

Woningtype

Verzekeraars hanteren over het algemeen behoorlijk wat voorwaarden, clausules en uitsluitingen. Zo hanteren veel verzekeraars bijvoorbeeld een binnenbraakclausule bij studentenhuizen. Dit houdt in dat er braaksporen aanwezig moeten zijn. Zonder deze braaksporen zal de verzekeraar niet overgaan tot vergoeding. Aanleiding van deze voorwaarde is het feit dat studentenhuizen vaak slecht beveiligd zijn, waardoor het inbrekers niet heel moeilijk wordt gemaakt. Lijfsieraden zijn meestal ook beperkt gedekt bij inbraak en diefstal.

Naast het woningtype kijken verzekeraars ook naar de plaats waar ingebroken of gestolen is. Zo geldt er vaak een beperkte dekking in de Randstad (omdat de statistische kans op inbraak en diefstal hier veel groter is vergeleken met andere plaatsen). De beperking geldt overigens voornamelijk voor contant geld en audiovisuele apparatuur (zoals televisies, computers en geluidsinstallaties).

Tuin

Diefstal van tuinmeubilair is normaal gesproken wel gedekt met de inboedelverzekering, maar veel verzekeraars hebben hier een aparte tuindekking voor. Schade door inbraak in een garage, schuur, kelder of ander bijgebouw is ook gedekt met de inboedelverzekering. Ook hierbij geldt dat veel verzekeraars pas uitkeren als er sprake is van braaksporen.

Let op: in het geval van schade door inbraak, diefstal, beroving of een combinatie van deze situaties, dient er altijd aangifte bij de politie gedaan te worden. Probeer in ieder geval zo goed mogelijk aan de beveiliging van uw huis en tuin te denken.

Stroomuitval

Het kan gebeuren dat stroomuitval leidt door schade. Een vriezer kan bijvoorbeeld ontdooien, waardoor producten kunnen bederven en verloren gaan. Wanneer een stroomuitval 4 uur of langer duurt (na de eerste melding), hebben consumenten recht op compensatie van de netwerkbeheerder. Deze compensatie wordt betaald zonder te kijken naar de geleden schade. Het compensatiebedrag bedraagt €35 en dit bedrag wordt per 4 uur verhoogd met €20. De netbeheerder is ook aansprakelijk voor schade die ontstaan is een spanningspiek die mogelijk kan ontstaan bij het herstarten van de stroomlevering.

Voor elke 4 uur extra krijgt u €20 extra en de aansprakelijkheid van de netbeheerder geldt tot een maximum van €3500. Dit moet worden verrekend met het maandelijkse termijnbedrag. Als je schade hebt geleden veroorzaakt door een stroomstoring, dan is de netbeheerder aansprakelijk. De netbeheerder is ook aansprakelijk voor schade die is ontstaan door een eventuele extreme spanningspiek bij het opnieuw opstarten van de stroomlevering. In de algemene voorwaarden van de netbeheerder staat waarvoor hij aansprakelijk is.

Schade kan ook verhaald worden op de verzekeraar. Hierbij is er ook sprake van een minimum aantal uren waarbij er sprake moet zijn van een stroomuitval of -storing. Als de verzekeraar overgaat tot compensatie, kan men rekening houden met een maximumdekking van €250 tot €1000.